Burn-out: wat is het?


Categorie Spanning & Stress

Burn-out zijn is hip! Nou ja, zo lijkt het de laatste tijd wel, in negatieve zin dan. Dit fenomeen lijkt binnen mijn sociale kringen eerder regel dan uitzondering te zijn. Moet iedereen het dan meemaken? Stress, overspannenheid, hoge werkdruk, ik hoor niet anders. Tegelijk ben ik me ook bewust van de vertwijfeling rondom dit onderwerp: is het aanstelleritis, tendens of zijn we met z’n allen écht (onze) grenzen aan het overschrijden? Omdat ik als ervaringsdeskundige wellicht ‘biased’ ben om hier een gedegen antwoord op te geven: in deze blog naast mijn eigen ervaringen ook wat wetenschappelijke literatuur om aan te halen.

Wat is burn-out eigenlijk?

Burn-out is een syndroom of ook wel ‘ aanpassingsstoornis’ genoemd dat emotionele uitputting en cynisme kenmerkt (Freudenberger, 1974). Belangrijkste aspecten zijn toegenomen gevoelens van emotionele uitputting en het ervaren van grote ‘afstand’ tot de medemens als emotioneel wezen. Een ander aspect is de neiging om zichzelf negatief te evalueren m.b.t. (werk)competenties (Ryan, 1971; Wills, 1978; Maslach & Jackson, 1981).

Burn-out correleert tevens hoog met persoonlijk leed zoals fysieke uitputting, vergeetachtigheid, slapeloosheid, toename in gebruik van alcohol en drugs en relatieproblemen binnen huwelijk en familie (Maslach, Jackson and Leiter, 1986). Naast cognitieve beperkingen kan burn-out ook een groot aantal lichamelijke effecten hebben, omdat bij burn-out ook de hormoonhuishouding, het zenuwsysteem en het immunologische systeem worden aangetast (Blankert, 2015).

Klinkt heftig, maar wie krijgt het?

Het leven van iemand die met burn-out gediagnosticeerd wordt staat letterlijk op zijn kop. Nu is niet eenduidig vast te stellen wie precies een burn-out zal krijgen. Er is veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de samenhang met persoonlijkheidskenmerken (e.g. Bakker et al., 2006; McCranie & Brandsma, 1988), sociale ondersteuning (e.g. Baruch-Feldman et al., 2002) en eisen-en kenmerken op en van het werk (e.g. Schaufeli & Bakker, 2004).

Maar de belangrijkste ‘overkoepelende’ kenmerken van mensen die burn-out raken, zijn:

  • dienstbaar zijn aan anderen is een diepe zijnswens van vrijwel alle burn-out cliënten;
  • gevoelig zijn voor anderen die bediend of ‘gediend’ willen worden;
  • zich veel aantrekken van wensen of eisen van hogerhand die ‘nog meer’ dienstbaarheid eisen, bij voorbeeld t.b.v. verhoging van productiviteit of omzet.

Hoe ontstaat het?

De drie drijfveren tot dienstbaarheid kunnen leiden tot over-dienstbaarheid en onder-beloning van de eigen wensen en behoeften als deze genegeerd of ondergeschikt zijn gemaakt (Blankert, 2015). Er wordt steeds meer gegeven, terwijl er steeds minder output zichtbaar is, totdat een punt wordt bereikt waar meer input slechts leidt tot uitputting en een plotselinge ineenstorting.

Zeer lange tijd heeft de opgebrande persoon eigen behoeften en signalen onderdrukt, ten behoeve van een ‘hoger volhouddoel’. Op een gegeven moment slaan ‘onbewust zenuwstelsel en lichaam’ terug en volgt plotselinge prestatie achteruitgang, emotionele labiliteit, en kunnen fysieke klachten ontstaan: variërend van pijnen in de borststreek tot letterlijk niet meer kunnen lopen (Blankert, 2015).

Wat dan?

Professionele hulp is dan genoodzaakt. Waarbij ‘uithuilen’ bij bv. een psycholoog dan vaak leidt in een ‘uitbreken in eerlijkheid’ dat essentieel is voor burn-out inzicht en herstel (Blankert, 2015). Dit ‘opengaan’ is zeer waardevol voor het latere genezingsproces. Hierbij zijn rust, een veiligheid en sociale steun zeer belangrijk voor het herstel (Freudenberger, 1974). Daarnaast heeft iemand die burn-out is geworden veel van ‘andermans waarden geslikt’ en zijn eigen waarden daaraan ondergeschikt gemaakt. Daarbij verandert de omgeving en dus de behoeften van het individu, ook wel ecologische dysfunctie genoemd (Caroll, 1979). Bij het ‘uitbreken in eerlijkheid’ kan langzaam de zoektocht worden gestart naar welke waarden losgelaten kunnen worden en welke kernwaarden wél bij de persoon horen. Deze dienen uiteindelijk als basis te gaan fungeren voor het toekomstige leven van de burn-out cliënt.

Herkenning en erkenning

Met deze blog hoop ik naast meer herkenning ook erkenning voor burn-out cliënten te werven. Naast dat er inmiddels veel wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de oorzaken, symptomen en herstelmogelijkheden, bestaat er maatschappelijk nog veel taboe rondom dit onderwerp. Fysieke beperkingen of ziektebeelden zijn helaas nog steeds maatschappelijk meer geaccepteerd dan psychische problematiek. En hoewel burn-out ook vaak gepaard gaat met fysieke klachten duurt de herstelperiode vaak net zo lang als de tijd dat het heeft geduurd om de burn-out te ontwikkelen.

Mijn ervaring

Ik was net vijfentwintig geworden, zat in een baan waar ik keihard voor had gewerkt, kon mijn eigen tijd indelen en deed werk dat maatschappelijk nut had. Rationeel gezien dus mijn droombaan. Totdat mijn lijf anders bepaalde. In mijn volgende blogs kun je meer over mijn ervaring lezen. Ook besteed ik aandacht hoe ik eruit kwam en hoe ik mijn ‘roeping’ en andere antwoorden op grote levensvragen heb gevonden!

Referenties

Bakker, A. B., Van Der Zee, K. I., Lewig, K. A., & Dollard, M. F. (2006). The relationship between the big five personality factors and burnout: A study among volunteer counselors. The Journal of social psychology, 146(1), 31-50.

Baruch-Feldman, C., Brondolo, E., Ben-Dayan, D., & Schwartz, J. (2002). Sources of social support and burnout, job satisfaction, and productivity. Journal of occupational health psychology, 7(1), 84.

Blankert, J.P. (2015). De kunst van burnout: herstel – de nieuwe methode. SB.

Carroll, J. F. (1979). Staff burnout as a form of ecological dysfunction. Contemp. Drug Probs., 8, 207.

Freudenberger, H. J. (1974). Staff burn‐out. Journal of social issues, 30(1), 159-165.

Maslach, C. (1976). ‘Burned-out’, Human Behavior, 5(9), 16-22

Maslach, C., & Jackson, S. E. (1981). The measurement of experienced burnout. Journal of occupational behavior, 2(2), 99-113.

Maslach, C., Jackson, S. E., & Leiter, M. P. (1986). Maslach burnout inventory.

McCranie, E. W., & Brandsma, J. M. (1988). Personality antecedents of burnout among middle-aged physicians. Behavioral Medicine, 14(1), 30-36.

Ryan, W. (1971). Blaming the Victim, Pantheon Books, New York.

Schaufeli, W. B., & Bakker, A. B. (2004). Job demands, job resources, and their relationship with burnout and engagement: A multi-sample study. Journal of organizational Behavior, 25(3), 293-315.

Wills, T. A. (1978). ‘Perceptions of clients by professional helpers’, Psychological Bulletin, 85, 968-1000.


Door: Dominique van Wingerden - mei 2015